Binnentuin

Een groene plantentuin binnen in een gebouw, we kennen allemaal wel mooie voorbeelden: een kantoor, een winkelcentrum, ziekenhuis, tropisch zwembad of woongebouw. Allemaal voorbeelden van een groene binnenruimte waar min of meer voortdurend mensen aanwezig zijn die het fijn vinden om te genieten van al dat groen en die bloemen. Maar voorwaarde is natuurlijk wel dat al die mooie planten gezond zijn en blijven. En dat kan soms best een lastig probleem zijn. De planten groeien in een voor hen onnatuurlijke omgeving, droge lucht, weinig licht, onregelmatig water en dat maakt ze gevoelig voor plagen.
Plagen in een binnentuin
Plagen die we in binnentuinen regelmatig tegen komen zijn spint, trips, wolluis en bladluis maar er zijn nog diverse andere soorten. Welke plagen opduiken hangt voor een deel samen met het klimaat en met de plantkeuze. In een binnentuin met een (sub)tropisch klimaat kom je vooral (sub)tropische plagen tegen. Die komen vaak onopgemerkt, een enkel verscholen exemplaar, mee met de planten en weten zich op hun nieuwe plek snel tot plaag te ontwikkelen. Plagen zoals spint en trips komen in ons land veelvuldig voor op allerlei planten. Die kunnen ook in een binnentuin prima uit de voeten en veel schade geven. Met name spint gedijt goed onder drogere omstandigheden, bv. in een ruimte met air-conditioning.
Plaagbestrijding
Een binnentuin vraagt eigenlijk om een duurzame methode van plaagbestrijding. Gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen is vanuit oogpunt van milieu en gezondheid van de gebruikers van de tuin niet wenselijk. Biologische gewasbescherming past daar uitstekend in. Die methode is milieuvriendelijk, geeft geen overlast en kan, mits goed toegepast jarenlang actief en effectief zijn. Belangrijk is een goede keus te maken van biologische bestrijders die ingezet worden. Lang niet alle soorten kunnen goed omgaan met de omstandigheden in een binnentuin. Toepassing van biologische bestrijding in een binnentuin is volledig onschadelijk voor mensen die in de buurt van de planten werken of verblijven. De natuurlijke vijanden die worden uitgezet vallen alleen de plaagorganismen aan, geen mensen en ook niet de plant waarop ze worden toegepast. Zodra de plaag is uitgeroeid sterven ook de natuurlijke vijanden uit. Er is geen sprake van hinderlijke vliegjes o.i.d. die rond de planten vliegen. De losgelaten natuurlijke vijanden zijn slechts met moeite en een geoefend oog op de planten terug te vinden.
De praktijk
Wij zorgen al jarenlang in allerlei binnentuinen voor de biologische gewasbescherming. Samen met een interieurbeplanter, hovenier, met bewoners of volledig in eigen beheer ontwikkelen we een geschikt op maat gemaakt programma waarin we bepalen welke soorten we gebruiken en hoe vaak en in welke aantallen die ingezet moeten worden. Afhankelijk van de beplanting zijn dat enkele producten of een flink assortiment van wel 10-15 verschillende soorten. Plantverzorgers leren van ons hoe ze plagen kunnen herkennen en hoe ze het verloop van de bestrijding kunnen vervolgen. Wij sturen benodigde producten regelmatig toe en bezoeken de tuinen af en toe om samen met de verzorgers de voortgang van de bestrijding te bespreken.

ENTOCARE producten binnentuin:

tegen wolluis:

CITRIX-Ap, sluipwesp

CITRIX-La, sluipwesp

CITRIX-Ld, sluipwesp

CRYPTOS, roofkever

CRYPTOS larven, roofkever

LONGIX, sluipwesp

PEMAC, sluipwesp


tegen spint:

TETRIX, roofmijt


tegen trips:

PREDATRIP, rooftrips


tegen dopluis:

COCCIN, sluipwesp

SAISIN-C, sluipwesp

SAISIN-E, sluipwesp

SAISIN-Mf, sluipwesp