Katoenluis

Aphis gossypii 
Uiterlijk:

De katoenluis is een vrij kleine (0,9-1,8 mm), ronde bladluis met rode ogen. De kleur van het lichaam is zeer variabel, van lichtgeel tot lichtgroen en zelfs bijna zwart. De soort is te herkennen aan de korte, zwarte, taps toelopende sifonen. De cauda van katoenluis is klein, lichter dan de sifonen en vingervormig. De antennes zijn korter dan het lichaam. De poten zijn kort. Deze bladluis houdt van warme omstandigheden en de populatie kan zich dan zeer snel vermeerderen. Er treedt geen waardplantwisseling op.

.

Schade door katoenluis:

In Nederland veroorzaakt deze bladluis alleen problemen in de kas vanwege de zeer snelle populatieontwikkeling bij hoge temperatuur. De luizen hebben een voorkeur voor de onderkant van het blad en voor jonge scheuten en bladeren. Door het zuigen van plantensappen kan blad- en scheutvergroeiing ontstaan die tot  en bladval kan leiden. Produceert honingdauw. Katoenluis kan meer dan 50 virussoorten overbrengen en is daarom o.a. in de komkommerteelt een gevreesde plaag. Verschillende populaties kunnen afwijkende eigenschappen vertonen, bijvoorbeeld t.a.v. resistentie tegen bestrijdingsmiddelen.

levenscyclus katoenluis:

  • snelle reproductie: 2-10 nakomelingen per vrouwtje per dag
  • ontwikkelingsduur 7 - 10 dagen
  • levensduur 2 - 3 weken
  • totaal 60 - 80 nakomellingen per vrouwtje
  • veel generaties per jaar in de kas
  • bij hogere dichtheid ontstaan gevleugelden die zich verspreiden

planten waarop katoenluis voorkomt;

  • zeer polyfaag
  • komkommer, aubergine, tomaat
  • paprika
  • aardbei
  • diverse siergewassen
  • vele andere soorten

Producten tegen katoenluis:

Aphidoletes aphidimyza:

APHIDEND

Aphidius colemani:

APHIPAR

Aphiscout, mix van sluipwespen:

APHISCOUT

Chrysopa carnea:

CHRYSOPA